‘Met depop-repop je bedrijf toekomstbestendig maken’

Publicatiedatum: 14-06-2018

Meer en meer varkenshouders overwegen depop-repop. Varkensdierenarts Bas Kolpa merkt bij de varkenshouders die er klaar voor zijn dat ze grote stappen in diergezondheidsstatus maken. “Zeker bij het succesvol aanpakken van App is een vervanging van de gehele zeugenstapel te overwegen.”

“Voor alle varkenshouders is depop-repop interessant, maar je moet als varkenshouder wel de knop hebben omgezet dat je er klaar voor bent”, reageert Bas. Hij doelt op de discipline die als je varkenshouder 365 dagen per jaar moet opbrengen om de biosecurity op je bedrijf volledig te laten kloppen.

Succesvolle overschakeling
Ruim 20 jaar is hij al varkensdierenarts. Daarnaast is Bas Kolpa docent bij de Universiteit van Utrecht en maakt hij studenten enthousiast over het vak varkensdierenarts. Hij heeft in het verleden verschillende bedrijven begeleidt bij depop-repop. “Bij een succesvolle overschakeling geeft een hogere gezondheidsstatus rust. Varkenshouders lopen bij ziektes niet meer achter de feiten aan. Het zorgt voor meer arbeidsplezier.”

Hij ziet wel koudwatervrees bij varkenshouders die depop-repop overwegen. “De vrees voor een terugval bij insleep van ziektekiemen, maar ook het omgaan met alleen maar gelten en het managen van hun bedrijf met een strikte interne en externe biosecurity. Het is vooral de vrees voor het onbekende.”

App problematiek
De varkensdierenarts merkt in het veld dat vooral de aanhoudende problemen rondom App varkenshouders voor depop-repop kiezen. “Er is een groeiende groep die zegt: ik wil van App afkomen en omdat al het andere geen effect heeft, pak ik het rigoureus aan.” Gesloten bedrijven plukken daar zelf bij de vleesvarkens de vruchten van. Voor vermeerderaars geeft dit in slechte tijden meer garantie op hun biggenafzet.

De aanleiding voor een depop-repop kan een economische berekening zijn of de beleving van de varkenshouder. “Als een varkenshouder dagelijks met angst en beven de stal in gaat, kan dat een hele goede reden zijn. Economisch is de berekening van een depop-repop goed zuiver te krijgen. Je hebt specialisten die er ervaring mee hebben.”

Kritisch op aantal vaccinaties
Volgens Bas moet je als varkenshouder ten alle tijden realistisch blijven bij de inzet van het aantal vaccinaties en het effect dat je voor ogen hebt. “Als je met circo, mycoplasma en PRRS drie vaccinaties hebt die nog niet voldoende zijn, dan mag je depop-repop serieus overwegen.”

Hij ziet depop-repop zeker niet als zaligmakend. “Je moet als varkenshouder en dierenarts bedacht zijn op andere ziektes die kunnen voorkomen en het vrij blijven is zeker bij aan mycoplasma en PRRS complex, omdat deze ziektekiemen via de lucht overdraagbaar zijn.”

Bas merkt bij varkensbedrijven met een hogere gezondheidsstatus wel een andere werkwijze. “Deze bedrijven gaan meer terug naar de basis van het vak; verzorging van gezonde dieren. Mijn overtuiging is dat varkenshouders met depop-repop er bewust voor kiezen om hun bedrijf toekomstbestendig te maken.”

Overige berichten

Erwin van de Wolfshaar kijkt terug op depop-repop ‘We zien nu hoeveel potentie gezonde dieren hebben’

Twee jaar geleden heeft Erwin van de Wolfshaar zijn zeugenlocatie in Aalten uitgebreid en opnieuw bevolkt. Ondanks dat hij PRRS niet buiten de deur kon houden, noemt hij de depop-repop een succes. Dusdanig dat hij het ook bij de andere zeugenlocatie van plan is. Het is vooral zoeken naar het juiste moment.
Lees meer

Landras van PIC “beste van twee werelden”

Sinds enkele jaren werkt PIC aan het integreren van twee landrassen in één nieuwe lijn. Daarbij worden de positieve eigenschappen van L02 Engels Landras en L04 Danic landras optimaal benut. Het biedt de fokkerijorganisatie ook de mogelijkheid om sneller genetische vooruitgang te boeken. Varkenshouders gaan het verschil merken.
Lees meer

PIC onderzoekt het gedrag van varkens met behulp van digitale gedragsmetingen

Digitale gedragsmeting maakt het mogelijk om eigenschappen van varkens vast te leggen die voorheen moeilijk of onmogelijk te meten waren. Een recente studie onderzocht hoe deze gedragseigenschappen samenhangen met de groei en vleeskwaliteit van varkens én wat dit betekent voor de toekomst van varkensproductie. Het onderzoek begon met het filmen van ruim 2000 vrouwelijke varkens vanaf een leeftijd van 10 weken gedurende 70 dagen. Dagelijks werd vastgelegd hoeveel tijd de varkens besteedden aan eten, drinken, liggen, zitten, staan en bewegen. Dit leverde meer dan 119.000 dagelijkse opnames op. De onderzoekers ontdekten dat het gedrag van de varkens, zoals hoeveel ze eten of bewegen, erfelijk is. Dit betekent dat deze eigenschappen van ouder op kind worden doorgegeven. Er bleek ook een verband te zijn tussen het gedrag van de varkens en hun groei en vleeskwaliteit. Hoewel deze verbanden niet altijd sterk waren, waren ze wel aanwezig. Vooral de gegevens verzameld tussen dag 55 en 68 van de opnames waren het meest bruikbaar voor het voorspellen van groei en vleeskwaliteit. Digitale gedragsmeting blijkt een nieuwe en betaalbare manier om belangrijke informatie over varkens te verzamelen. Door het gedrag van varkens beter te begrijpen, kunnen varkenshouders betere beslissingen nemen over fokprogramma's en de algemene zorg voor de dieren. Dit leidt tot gezondere varkens en betere vleeskwaliteit. Bovendien kunnen zij met deze technologie dieren nauwkeuriger en efficiënter fokken, wat betere resultaten in de varkensproductie, lagere kosten en een duurzamere landbouw betekent. De introductie van digitale gedragsmeting in de varkenshouderij opent nieuwe mogelijkheden voor het verbeteren van de efficiëntie en kwaliteit van de productie. Door het gedrag van varkens te meten en te analyseren, kan PIC beter begrijpen hoe deze eigenschappen samenhangen met groei en vleeskwaliteit. Dit onderzoek toont aan dat digitale fenotypering een waardevol hulpmiddel is voor de toekomst van de varkenshouderij.  Het heeft de potentie om een revolutie teweeg te brengen in de manier waarop we naar dieren kijken, houden en fokken.
Lees meer